Omgaan met trauma in de klas

Bij TerInfo bieden we lesmateriaal aan over gevoelige en controversiële onderwerpen als terrorisme, geweld, en oorlog, zoals onze lesbrief over de moord op Samuel Paty of over de Russische invasie in Oekraïne. Voor leerkrachten kan het lastig zijn om dit soort onderwerpen in de klas te bespreken, omdat het meestal veel losmaakt bij kinderen. Naast hevige discussies en geschrokken reacties in de rest van de klas, kunnen deze onderwerpen bij getraumatiseerde leerlingen herinneringen aan de ingrijpende gebeurtenissen ophalen met mogelijk stress, agressief gedrag en hevige emoties als gevolg. Hoe ga je hier als leerkracht mee om en wat kan je doen om ervoor te zorgen dat getraumatiseerde leerlingen zich veilig voelen in de klas, ook als je onderwerpen als terrorisme, geweld en oorlog wil bespreken? 

Uit een studie van TNO (2016) bleek dat 45,4% van de leerlingen in groep 7 en 8 van reguliere bassischolen in Nederland één of meerdere ingrijpende gebeurtenissen heeft meegemaakt. Het kan hierbij bijvoorbeeld gaan om mishandeling, getuige zijn van geweld, verwaarlozing, of een vechtscheiding van ouders. Iets minder dan de helft van deze ingrijpende gebeurtenissen vertaalt zich in een trauma. Op school kunnen leerlingen in aanraking komen met triggers, die hen herinneren aan traumatische gebeurtenissen, stressreacties kunnen oproepen en het lastig maken voor leerlingen om hun emoties en gedrag te reguleren. Met name controversiële en gevoelige onderwerpen zoals terrorisme, geweld, of de dood kunnen leiden tot triggers bij getraumatiseerde kinderen. Deze triggers kunnen echter verschillende vormen aannemen: niet alleen het behandelen van dit soort onderwerpen in de les kan herinneringen terughalen van traumatische gebeurtenissen, ook beelden, geluiden, geuren of zelfs aanrakingen kunnen triggers zijn (Minahan, 2019). Omdat triggers het leren en de ontwikkeling van getraumatiseerde kinderen kunnen belemmeren, vraagt dit om een verantwoorde en pedagogisch sensitieve manier van omgaan met getraumatiseerde leerlingen en het creëren van een veilig omgeving voor hen op school. Het blijkt echter dat leerkrachten zich vaak machteloos en gefrustreerd voelen als het gaat om omgaan met getraumatiseerde leerlingen en hun gedrag (Coppens et al., 2016). In dit artikel geven we een aantal tips voor het bespreken van gevoelige onderwerpen, maar gaan we ook in meer algemene zin in op hoe je als docent om kan gaan met trauma in de klas.  

Traumasensitief onderwijs

Traumasensitief onderwijs draait met name om bewustwording van de impact van ingrijpende gebeurtenissen en trauma’s op het dagelijkse leven van kinderen. Hieronder valt zowel het herkennen van trauma’s als het erkennen van de gevolgen van deze gebeurtenissen, en op een ondersteunende manier omgaan met leerlingen om hun veerkracht te vergroten. Een belangrijke kanttekening die Coppens, Schneiderberg en Kregten in hun boek (2016) over lesgeven aan getraumatiseerde kinderen plaatsen, is dat traumasensitief onderwijs geen taak is van individuele leerkrachten, maar vraagt om een schoolbrede aanpak. Zij noemen een aantal elementen van traumasensitief onderwijs die samen als doel hebben de veerkracht van getraumatiseerde leerlingen te vergroten. Deze veerkracht zorgt er bijvoorbeeld voor dat een confrontatie met herbelevingen of negatieve gevoelens een minder groot en blijvend effect hebben op de ontwikkeling van getraumatiseerde kinderen. Veerkracht is niet een vast gegeven, maar is dynamisch en kan sterker worden onder positieve omstandigheden zoals een veilige thuissituatie en stabiele relaties met betrokken volwassenen. Voor leerkrachten van getraumatiseerde kinderen staan een aantal elementen centraal die de veerkracht van het kind kunnen vergroten (Coppens et al., 2016).  

Het waarborgen van veiligheid en vertrouwen op school en in de klas is één van de belangrijkste onderdelen van traumasensitief onderwijs, maar tegelijkertijd ook één van de moeilijkste.

Herkennen: Kennis over trauma

Het eerste element betreft kennis over trauma. Wanneer je als leerkracht begrijpt welke effecten trauma heeft op de sociale, emotionele, en academische ontwikkeling van kinderen, kan je dit beter herkennen en vervolgstappen ondernemen (Terrasi & De Galarce, 2017). Post-traumatisch gedrag is echter soms lastig te herkennen, omdat het veel gelijkenissen vertoont met bijvoorbeeld ADHD of ADD. Gevolgen van trauma kunnen bijvoorbeeld zijn: agressief gedrag, impulsiviteit, of het niet onder controle hebben van emoties. Het herkennen van dit soort gedrag als mogelijk gevolg van trauma is van belang zodat het gedrag op de juiste manier kan worden aangepakt. Wanneer je je als leerkracht inzet om leerlingen met een trauma te begrijpen, kan je een klimaat waarborgen waarin getraumatiseerde leerlingen kunnen leren en zich optimaal kunnen ontwikkelen.  

Erkennen: de traumabril 

Ook door trauma bij leerlingen te erkennen en door gedrag en situaties te bekijken door een zogenaamde ’traumabril’ (Coppens et al., 2016), kan je als leerkracht bijdragen aan de veerkracht van het kind. Daarnaast is erkenning van trauma van belang voor het voorkomen van herbelevingen en stress en het adequaat reageren op afwijkend gedrag. Vooral wanneer je gevoelige of controversiële onderwerpen bespreekt in de klas, is het belangrijk om te erkennen dat er leerlingen zullen zijn voor dit kan zorgen voor stress en herbeleving van hun trauma. Door hen van tevoren in te lichten over het onderwerp, even extra op ze te letten, of hen niet mee te laten doen met de les, kan je als docent rekening houden met de behoeftes van getraumatiseerde leerlingen.

Veiligheid en vertrouwen 

Het waarborgen van veiligheid en vertrouwen op school en in de klas is één van de belangrijkste onderdelen van traumasensitief onderwijs, maar tegelijkertijd ook één van de moeilijkste. Het gevoel van veiligheid en vertrouwen is subjectief en kan sterk worden beïnvloed door ervaringen van getraumatiseerde leerlingen en zelfs door de kleinste triggers als geuren of beelden. Het kan daarom erg lastig zijn voor leerkrachten om leerlingen dat gevoel veiligheid en vertrouwen te geven. Toch zijn er een aantal punten waar je als leerkracht op kan letten. Ten eerste is het wegnemen van vermeende dreiging bij de leerling belangrijk. Door te werken aan een veilige relatie met de leerling kan je als leerkracht veel winnen. Hierbij zijn non-verbale communicatie, aandacht voor succeservaringen, en het aansluiten bij talenten en interesses belangrijke elementen. Daarnaast dragen ook routines en voorspelbaarheid in de klas bij aan het gevoel van veiligheid en vertrouwen van getraumatiseerde leerlingen. Hele duidelijke regels en verwachtingen helpen om de voorspelbaarheid te vergroten. Ten slotte is het ook belangrijk om negatieve gedachten en negatief gedrag bij leerlingen te voorkomen. Met name complimenteren en negatieve feedback geven volgens de sandwichmethode (positief – negatief – positief) kunnen verkeerde interpretatie van docentengedrag door de leerling voorkomen en het gevoel van competentie bij de leerling vergroten (Minahan, 2019). 

Andere elementen 

Andere elementen die de veerkracht van getraumatiseerde kinderen kunnen vergroten zijn het inzetten op zelfregulatie van getraumatiseerde leerlingen en de samenwerking tussen alle betrokken volwassenen, zoals ouders, leerkrachten, en hulpverleners (Crosby, 2019). Hoewel traumasensitief onderwijs met name gericht is op leerlingen, is het daarnaast ook erg belangrijk dat je als leerkracht zorgt voor jezelf en aan je eigen welzijn denkt. Traumasensitief onderwijs kan veel vragen van betrokkenen en kan leiden tot stress en uitputting. Steun van anderen, een luisterend oor, en ontspanning spelen een belangrijke rol bij het voorkomen van mogelijke negatieve gevolgen van traumasensitief onderwijs voor leerkrachten.  

Bronnen 

Verder lezen?  

Credits thumbnail 

Geralt (Pixabay), https://pixabay.com/nl/service/terms/